'Omgangsrecht is een
tandeloze tijger’.
Duitse
psychologe bemiddelt in
‘vechtscheidingen’
Hulpverleners moeten
speciaal worden opgeleid
om te helpen voorkomen
dat kinderen na een
echtscheiding het
contact met één ouder
verliezen. Verlies van
dat contact kan ernstige
gevolgen hebben voor de
ontwikkeling van het
kind. Dit kan veel vaker
dan nu het geval is
worden voorkomen. Aldus
Ursula Kodjoe, die als
mediator werkt met
‘high-conflicted
families’.
Bij
tweederde van de
gescheiden ouderparen
die ernstige conflicten
hebben over de omgang,
zegt de Duitse
psychologe Ursula Kodjoe
de gestelde doelen te
bereiken. De ex-partners
leren als ouders samen
te werken en hun
kinderen houden op een
goede manier contact met
hen. "Vaak zijn deze
ouders officieel wel
gescheiden, maar
emotioneel nog niet.
Onbewust hebben ze
liever een negatieve
band dan geen band. Als
ze dat via de kinderen
spelen, kan dat nare
gevolgen hebben.
Misschien
ken je ze wel, de
moeders die zeggen:’ Nee
hoor, mijn kind heeft
deze vader niet nodig.’
Of de moeder die het
kind op subtiele wijze
laat merken dat het bij
pappa vreselijk eng is:’
Bel maar als er iets is
hoor’. Het kind kan uit
loyaliteit of uit angst
de gevoelens en het
gedrag van deze moeder
overnemen. Ook als het
tegen zijn eigen belang
indruist. Want met het
verlies van het contact
met één ouder, verliest
het kind ook de helft
van zijn identiteit."
Parental
Alienation Syndrome
Kodjoe
sprak tijdens de
PvdA-conferentie
‘Omgangs(on)recht’ van
31 mei jongstleden over
het Parental Alienation
Syndrome (PAS). Dit
oudervervreemdingssyndroom
werd voor het eerst
beschreven door de
Amerikaanse professor
Richard A. Gardner (Hij
sprak daar twee jaar
geleden in Breda over op
een door het Ministerie
van Justitie samen met
het Platform van
samenwerkende
Cliëntenorganisaties in
Jeugdzorg en
Familierecht
georganiseerd congres;
zie Perspectief nr. 5
van de 7e
jaargang). Het gaat om
kinderen die de ene
ouder (vaak degene bij
wie ze niet wonen) gaan
haten onder invloed van
de andere ouder, hoewel
de relatie met die ouder
goed was. Soms weigert
het kind contact, maar
oudervervreemding kan
ook ontstaan terwijl er
wel omgang is.
Kodjoe
benadrukt dat zowel
vaders als moeders de
kinderen tegen elkaar
opzetten. De gevolgen
van PAS voor het kind
kunnen zijn: een lage
zelfwaardering, minder
sociale vaardigheden,
lagere school- en
werkprestaties en
problemen met relaties.
De Duitse psychologe
waarschuwt echter voor
al te rechtlijnige
conclusies: "De gevolgen
van het verlies van
contact met één van de
ouders na een scheiding
kunnen enorm zijn, maar
dit hangt ook af van het
temperament van het
kind. We weten nog te
weinig over de
lange-termijngevolgen."
Andere
aanpak dan de Raad
Het
conflict via rechters en
advocaten uitvechten
biedt geen oplossing.
"Het recht is op dit
gebied een tandeloze
tijger", vindt Kodjoe.
Er is een uitspraak over
de omgang, maar ouders
krijgen van hun advocaat
te horen dat ze zich
hieraan niet hoeven te
houden. Er volgen dan
immers geen sancties.
Kodjoe
werkt als mediator met
gezinnen waarin de
echtscheiding is
uitgedraaid op een
vechtscheiding. Op de
vraag wat het verschil
is tussen haar werkwijze
en die van instanties
zoals de Raad voor de
Kinderbescherming of het
Duitse Jugendamt, zegt
Kodjoe: "Ik spreek in
mijn werk de krachten
van mensen aan. Ik ga
ervan uit wat ze
allemaal kunnen, wijs ze
daar op en dan bouwen we
dat samen verder uit. Ik
werk ook individueel met
de ouder die de omgang
saboteert. Dat doe ik
door die te wijzen op
wat het betekent voor
een kind om een ouder te
verliezen en op de
schadelijke gevolgen die
dat heeft.
De Raad
en het Jugendamt werken
juist vanuit een
deficit-model. Die
onderzoeken wat ouders
allemaal níet kunnen en
werken niet samen met de
ouder. Dat versterkt de
ruzie alleen maar.
Bovendien zijn
raadsonderzoekers op
zoek naar een waarheid
die niet bestaat. Wel
bestaat de subjectieve
beleving van beide
ouders. Ik probeer niet
de waarheid boven tafel
te krijgen, maar
destructieve patronen te
herkennen. En dan samen
naar een oplossing te
werken."
Het kind
kán gegronde redenen
hebben om de andere
ouder te haten, zoals
lichamelijke of
geestelijke
mishandeling, verslaving
of seksueel misbruik.
Onderzoek naar deze
zaken moet gedaan worden
door goed getrainde
specialisten. Kodjoe
pleit ervoor dat
raadsonderzoekers hun
onderzoekspet afzetten.
"Ze zouden met het gezin
moeten gaan samenwerken
aan het versterken van
de band van het kind met
beide ouders. Daarvoor
moeten ze het gezin
eerst goed leren kennen,
zowel alle gezinsleden
apart als de
verschillende
combinaties."
Positieve
ontwikkeling
In
Duitsland zijn positieve
ontwikkelingen gaande op
omgangsgebied. Zo staat
in de wet dat ieder kind
recht heeft op contact
met beide ouders. Beide
ouders hebben wettelijk
vastgelegd het recht én
de plicht om hun
kinderen te zien. In
sommige
echtscheidingsprocedures
komt een eigen advocaat
op voor de specifieke
belangen van het kind.
Steeds meer rechters
krijgen bij hun zaken
supervisie van ervaren
mediators, vertelt
Kodjoe.
Heeft zij
nog andere ideeën om
problemen in de toekomst
te voorkomen? Allereerst
vindt ze het belangrijk
om ouders én
hulpverleners
voorlichting te geven
over ontwikkelingsfasen
van kinderen en de rol
en het belang van beide
ouders voor het kind.
Ook over eventuele
gevolgen van
echtscheiding voor
kinderen. Als
oudervervreemding
dreigt, moeten de
rechter en de
gezinsvoogdij de ouders
aanspreken op hun plicht
te handelen in het
belang van hun kind.
Verder pleit Kodjoe
ervoor dat advocaten en
psychologen samen één
praktijk voeren. Zo kan
mediation sneller en
effectiever ingezet
worden.
‘Motherhood mystique’
Kodjoe
raakte geïnteresseerd in
omgangsproblematiek toen
ze tijdens haar studie
een seminar over gezin
en scheiding bezocht. Ze
studeerde van 1989 tot
1994 psychologie aan de
Universiteit van
Freiburg in Duitsland.
Daar was het vóór 1998
(net als in Nederland)
zo dat ouders bij
echtscheiding niet
automatisch allebei het
gezag kregen. Onder
invloed van de
‘motherhood mystique’
(moederverheerlijking),
zoals Kodjoe het noemt,
dolven vaders vaak het
onderspit. Ze vroeg zich
af wat dit eigenlijk
voor mannen betekende.
"Stel je voor: je loopt
de rechtbank in als
vader, en een paar uur
later ben je dat
officieel niet meer. Dat
leek me vreselijk. Toen
ik op zoek ging naar
informatie over de
sociaal-emotionele
gevolgen van deze
gebeurtenis voor vaders,
vond ik planken vol over
moeders, niets over
vaders. Dat vond ik
oneerlijk."
Voor haar
afstudeerscriptie riep
Kodjoe vaders op te
vertellen over hun
ervaringen. De reacties
waren overweldigend. "
Met één vader heb ik
zestien uur aan de
telefoon gezeten. Er had
nog nooit iemand naar
zijn verhaal
geluisterd." Kodjoe
wijst erop dat er nog
steeds weinig aandacht
is voor de gevolgen van
het verlies van contact
met een kind voor de
ouder. "En dat terwijl
het de samenleving
volgens mij veel geld
kost. Ik denk dat deze
mensen veel vaker last
hebben van
posttraumatische stress,
arbeidsongeschiktheid,
psychosomatische
klachten en
zelfmoordneigingen.
Daarvoor zou veel meer
aandacht moeten komen."
Moeite
met relaties
Op dit
moment doet Kodjoe een
onderzoek naar de
lange-termijngevolgen
van het verbreken van
contact tussen het kind
en een van de ouders. Op
een advertentie
reageerden 436 mensen in
de leeftijd van 17 tot
82 jaar. "Wat ik tot nu
toe heb ontdekt, is dat
deze kinderen moeite
hebben met relaties, dat
het patroon van scheiden
en contact verbreken
zich bij hun eigen
gezinnen herhaalt. Ze
geven anderen en het
verlies van contact vaak
de schuld van hun
mislukkingen. Opvallend
is ook dat velen er niet
in slagen een
bevredigende carrière op
te bouwen.". Op de vraag
of ze in haar onderzoek
ook een controlegroep
gebruikt van kinderen
zonder contact met een
van de ouders met wie
het wel goed gaat,
antwoordt ze
ontkennend." Nee, ik wil
ook niets bewijzen met
dit onderzoek. Ik wil
laten zien wat voor
negatieve gevolgen het
verbreken van contact
voor kinderen kan
hebben."
Marit van Luijn
Laatst gewijzigd:
12-07-2001