|
|
|
|
|
| |
Belgische onderzoeksrechter eist DNA baby D. op
Gazet van Antwerpen
21 december 2005
Bij 'internetbaby' D. uit
het Nederlandse Leusden is
op verzoek van een Belgische
onderzoeksrechter met
toestemming van het Bureau
Jeugdzorg Utrecht
DNA-materiaal afgenomen.
De onderzoeksrechter wil in
de strafzaak tegen de moeder
vaststellen wie de
biologische vader is.
Jeugdzorg vindt dat er in
het belang van de baby zo
snel mogelijk duidelijkheid
moet komen over het
vaderschap. Dat bleek
woensdag tijdens een zitting
op de rechtbank in Utrecht.
De raadkamer boog zich over
de vraag of het celmateriaal
aan de Belgische rechter mag
worden overgedragen. De
advocate van de Belgische
moeder is tegen. Zij stelde
dat volgens het Belgische
strafrecht DNA alleen
gebruikt mag worden om
daders van misdrijven op te
sporen. Volgens de advocaat
van de Leusdense wensouders
A. van Voorthuizen zorgt
deze procedure alleen voor
onnodige onrust. Juridisch
verandert helemaal niets
wanneer de Belgische
wensvader ook de biologische
vader blijkt te zijn.
Volgens Van Voorthuizen mag
Nederland geen DNA leveren
omdat het misdrijf waar de
Belgische moeder voor wordt
vervolgd, mensonterende
praktijken, in Nederland
helemaal niet bestaat.
Volgens het Openbaar
Ministerie heet dat delict
in Nederland mensenhandel.
Officier van justitie E.
Roelofs benadrukte dat het
bij dit soort
rechtshulpverzoeken om
vertrouwen draait. Het
vertrouwen van Nederland in
het Belgische rechtssysteem
is volgens Roelofs groot. De
rechtbank doet op 28
december uitspraak.
Eind vorige maand maakte het
Bureau Jeugdzorg Utrecht
bekend dat het niet in
beroep ging tegen de
uitspraak van de rechtbank
in Utrecht eind oktober en
dat de Nederlandse
pleegouders baby D. dus bij
zich mochten houden. De
Utrechtse rechtbank had
geoordeeld dat het illegaal
geadopteerde meisje bij het
echtpaar in Leusden mocht
blijven, omdat er sprake was
van gezinsleven.
|
|
|
|
|
|