In
Duitsland
staan
voortaan
na de
scheiding
de
kinderen
voorop
bij de
vaststelling
van de
alimentatieregeling.
Daarna
komt de
ex-partner,
als er
nog geld
over is.
Het
moderne
van de
wet zit
in het
principe
dat
beide
exen in
hun
eigen
levensonderhoud
voorzien.
Daarom
duurt de
betalingsregeling
voor
ex-partners
niet
langer
dan drie
jaar.
Ook
krijgen
oude en
nieuwe
partner
van een
Duitse
alimentatiebetaler
gelijke
rechten,
ongeacht
of er
sprake
is (of
was) van
een
huwelijk
of van
samenwonen.
Voor de
schrijnendste
gevallen,
zoals
niet-werkende
vrouwen
die na
tientallen
jaren
huwelijk
gaan
scheiden,
maakt de
wet een
uitzondering.
Nederland
geeft de
minst of
niets
verdienende
partner
na een
scheiding
recht op
maximaal
twaalf
jaren
alimentatie,
als het
huwelijk
langer
duurde
dan vijf
jaar of
als er
kinderen
zijn. De
vrouwen
zijn
meestal
de
ontvangende
partij.
Slechts
een
kwart
van de
Nederlandse
vrouwen
staat
financieel
op eigen
benen.
Een
nieuwe,
beperkte
alimentatieregeling
kan een
stimulans
zijn
voor
grotere
economische
zelfstandigheid
van de
vrouw.
Twaalf
jaren
financieel
afhankelijk
zijn van
je
ex-man
heeft
namelijk
weinig
met
emancipatie
te
maken.
Bovendien
houdt
het ook
een
beeld in
stand
van het
huwelijk
als
’verzekering’
voor de
vrouw,
voor als
het
misloopt.
In het
huidige
systeem
loont
het
wanneer
de vrouw
er bij
de
rechter
op wijst
wat ze
allemaal
niet kan
op de
werkvloer,
de
komende
twaalf
jaar.
Gelukkig
is er in
Nederland
al een
tendens
dat de
familierechter
kijkt
naar de
praktijk:
wellicht
kan de
vrouw
toch
meer
gaan
werken
na haar
scheiding
en kan
ze zo
volstaan
met
minder
dan
twaalf
jaar
alimentatie.
Daarmee
komen we
bij een
harde
voorwaarde
voor het
aanpassen
van onze
regeling
in de
richting
van het
Duitse
model.
Want in
Duitsland
werken
vrouwen
meer
uren,
terwijl
hier de
meeste
gezinnen
met
kinderen
het
anderhalfverdienersmodel
in
praktijk
brengen.
De
zorgplicht
van de
man na
een
scheiding
moet dus
een hard
punt
zijn,
als de
scheidingsregeling
onder de
rechter
komt.
Wil of
kan hij
dat
niet,
dan moet
de
rechter
dat
alsnog
kunnen
vertalen
in
langere
en
hogere
alimentatie
voor de
vrouw.
Nu is
het nog
altijd
zo dat
de man
er – ook
met
jarenlange
alimentatieplicht
–
gemiddeld
op
vooruit
gaat na
een
scheiding,
omdat
hij niet
voor de
kinderen
zorgt.