Flitsscheiding
afgeschaft na wending
PvdA
Den Haag, 6 juni. De
zogeheten flitsscheiding
is afgeschaft. Een
ouderschapsplan is
voortaan verplicht bij
echtscheidingen waarbij
kinderen zijn betrokken.
De Tweede Kamer ging
gisteravond met dit
wetsvoorstel akkoord.
Een poging van de VVD om met
steun van de SP een
eenvoudige echtscheiding
zonder de rechter toch
mogelijk te maken is
gestrand. De PvdA trok
onverwachts steun aan
een amendement met deze
inhoud in, waardoor er
geen Kamermeerderheid
meer was.
PvdA-woordvoerder
Bouchibti zei nog steeds
zo’n flitsscheiding te
willen, maar de voorkeur
te geven aan een eigen
initiatiefwetsvoorstel.
Politiek werd dit
algemeen uitgelegd als
een koerswijziging onder
druk van de coalitie,
waarin CDA en CU
principieel tegenstander
zijn van makkelijker
echtscheiden. Bouchibti
erkende met de
aanvankelijke steun aan
het VVD-amendement ‘de
randen van het
regeerakkoord’ te hebben
opgezocht. De VVD wil
echtscheiding mogelijk
maken via de burgerlijke
stand voor mensen zonder
minderjarige kinderen.
Het kabinet beloofde de Kamer
wel een wetsvoorstel
waarin een
vereenvoudigde
echtscheiding zonder
advocaten toch mogelijk
wordt, maar dan via de
notaris. Het gaat dan om
huwelijken zonder
minderjarige kinderen
waarbij partners het
eens zijn over de
voorwaarden. De notaris
legt de zaak dan voor
aan de rechter die dat
zonder zitting afdoet.
Het kabinet wilde af van de
huidige flitsscheiding,
waarbij partners een
huwelijk omzetten in een
geregistreerd
partnerschap. Dat
partnerschap werd
vervolgens
administratief ontbonden
bij een advocaat of
notaris. In het
buitenland bleken
dergelijke
echtscheidingen buiten
de rechter om niet te
worden erkend. Daardoor
ontstonden problemen met
administratief
gescheiden Nederlanders
die voor hun (nieuwe)
partners of kinderen
geen
verblijfsvergunningen
konden krijgen of die
samen een woning willen
kopen. In het buitenland
wordt een
‘constitutionele daad’
geëist voor een geldige
echtscheiding.
Nieuw is het
verplichte
ouderschapsplan. Ouders
moeten voortaan bij hun
scheiding aan de rechter
afspraken over de
opvoeding en verzorging
van hun minderjarige
kinderen overleggen. De
partner zonder ouderlijk
gezag krijgt een „recht
en de verplichting tot
omgang” met zijn kind.