Woensdag 16
mei 2007 - Ten
minste 2500
kinderen per
jaar worden de
dupe van de
detentie van hun
moeder. Ze
krijgen haar
nauwelijks te
zien. "Er is
totaal geen oog
voor deze
kinderen."
Gedetineerde moeders worden
nauwelijks in staat
gesteld contact te
onderhouden met hun
kinderen. Ook komt het
voor dat kinderen zonder
enige zorg achterblijven
wanneer hun moeder wordt
vastgezet. De moeders
verzwijgen vaak dat ze
kinderen hebben uit
angst dat Jeugdzorg ze
weghaalt.
Dat blijkt uit onderzoek
van het Verwey-Jonker
instituut, in opdracht
van
hulpverleningsorganisatie
Humanitas die deze
problemen heeft
gesignaleerd.
Volgens de onderzoekers
moet het ministerie van
Justitie snel
maatregelen nemen om in
ieder geval zicht te
krijgen op die kinderen
en wie hen bij
afwezigheid van hun
moeder verzorgt.
Nu is het vaak niet
bekend of de
gedetineerde vrouwen
kinderen hebben. Dat
wordt niet
geregistreerd.
Wanneer de vrouwen dat
niet zelf melden,
dreigen de kinderen
verstoken te blijven van
hulp. Ook weten
hulpverleners die bij
het gezin betrokken
zijn, vaak niet waar de
moeder is gedetineerd.
De onderzoekers pleiten
voor een centrale
registratie en een
melding bij Jeugdzorg
wanneer er kinderen in
het spel zijn. Daarnaast
moeten de
contactmogelijkheden
voor gedetineerde
moeders met hun kinderen
worden uitgebreid. Nu is
dat vaak slechts een uur
per week.
Ook zou Justitie
rekening moeten houden
met de afstand naar de
gevangenis en het
tijdstip van het bezoek.
Soms kunnen kinderen
niet komen, omdat bezoek
tijdens schooltijd is
gepland.
Het rapport werd
gisteren overhandigd aan
staatssecretaris Nebahat
Albayrak van Justitie.
Die liet weten nog deze
zomer te starten met de
proef 'Betere Start'
waarbij gedetineerde
moeders
opvoedingsondersteuning
krijgen. De
ondersteuning vindt
plaats tijdens de
laatste maanden van
detentie en de eerste
maanden van de terugkeer
in de maatschappij.
Woordvoerder Monique
Verboven van het
ondersteuningproject
Gezin in Balans van
Humanitas reageert
teleurgesteld op de
bekendmaking van de
proef. "Dit biedt
natuurlijk nog geen
oplossing voor de
problemen die er zijn
vanaf de eerste dag van
de detentie. Ook zorgt
het er niet voor dat de
opvang van alle kinderen
voortaan goed geregeld
is."
Het project Betere Start
is gebaseerd op het
internationaal erkende
programma Incredible
Years. Het bestaat uit
een training in twaalf
groepsbijeenkomsten in
de inrichting en vier
thuisbezoeken na het
ontslag uit detentie.
Gedurende het traject
mogen de vrouwen vaker
op weekendverlof om het
geleerde in de praktijk
te brengen.
Het doel van de pilot is
om na te gaan of deze
extra
opvoedingsondersteuning
leidt tot een beperking
van de risico's op
probleemgedrag bij de
kinderen van
gedetineerde moeders. Om
de effectiviteit van de
interventie vast te
stellen is aan de pilot
een onderzoek gekoppeld.
Tot een jaar na het
ontslag uit detentie
worden de deelnemers aan
het project gevolgd door
onderzoekers van de
Universiteit Utrecht. In
hun onderzoek volgen zij
ook een groep
gedetineerde vrouwen die
de training niet hebben
gevolgd.
Vrouwen in de gevangenis
Vorig
jaar zaten 3244 vrouwen
voor korte of langere
tijd in de gevangenis.
Ze maken iets meer dan 6
procent uit van de
gevangenisbevolking. Dat
is exclusief de ongeveer
1000 vrouwen die in
vreemdelingenbewaring
zaten: zij zijn illegaal
in Nederland en worden
uitgezet. Meer dan de
helft van de vrouwen is
veroordeeld voor
drugssmokkel of -handel,
gevolgd door straffen
voor diefstal en
vernieling.
Geweldsmisdrijven komen
niet veel voor onder
vrouwen. Als ze al
plaatsvinden, is het
meestal relationeel
geweld.
Meer dan de helft van de
vrouwen is moeder. Ze
kunnen hun kinderen
alleen zien tijdens het
wekelijkse bezoekuur. De
kinderen verblijven
zoveel mogelijk bij de
vader of bij familie. Is
er geen opvang, dat
zorgt de Raad voor de
Kinderbescherming voor
opvang in een pleeggezin
of tehuis. Omdat veel
vrouwen dat niet willen,
verzwijgen ze dat ze
moeder zijn.
Zwangere gedetineerden
worden tijdig
overgebracht naar het
Penitentiaire Ziekenhuis
in Den Haag of naar een
ziekenhuis in de buurt.
Tot ze maximaal negen
maanden oud zijn, kunnen
kinderen bij de moeder
in de cel blijven.
Knelpunten bezoek
Gedetineerde moeders
ervaren grote problemen
bij het onderhouden van
het contact met hun
kinderen.
De grootste knelpunten
zijn:
De bezoektijd: slechts
een uur per week. In die
tijd dienen ook alle
zakelijke dingen
besproken te worden,
waardoor er minder tijd
voor het kind
beschikbaar is.
Bezoektijden vallen
samen met schooltijden,
waardoor kinderen niet
kunnen komen. In sommige
instellingen zijn extra
bezoeken mogelijk voor
kinderen. Die zijn
alleen toegankelijk voor
kinderen tot twaalf
jaar.
Telefoneren mag slechts
tien minuten per week en
op bepaalde tijden.
De afstand naar de
gevangenis is vaak te
ver. Omdat er maar vier
vrouwengevangenissen
zijn, moeten kinderen en
hun begeleiders vaak
lang reizen om op bezoek
te kunnen.
Incredible Years
Het
project 'Betere Start'
in vrouwengevangenis Ter
Peel biedt ondersteuning
aan gedetineerde moeders
met kinderen van twee
tot tien jaar in de
laatste maanden van de
detentie en eerste
maanden in vrijheid.
Het is gebaseerd op het
Amerikaanse programma 'Incredible
Years'. Dat bestaat uit
drie onderling verbonden
programma's voor
kinderen, ouders en
docenten.
Het ouderschapsprogramma
bestaat uit 12 tot 14
wekelijkse sessies
waarin aandacht is voor
het belang van spelen,
manieren om kinderen te
helpen met leren en hoe
om te gaan met
wangedrag.
Het kinderprogramma
leert kinderen sociale
en emotionele
vaardigheden: hoe maak
je vrienden en hoe
gedraag je je op school.
De training voor
docenten behandelt
vaardigheden als het
omgaan met moeilijk
gedrag in de klas en het
gebruik van aandacht van
de leraar.