Kamer keurt hervorming echtscheiding goed
De
Kamer
heeft
vrijdagmorgen
rond
8.30
uur
definitief
het
licht
op
groen
gezet
voor
de
hervorming
van
de
echtscheidingsprocedure.
Ze
wijzigde
uiteindelijk
niets
meer
aan
de
tekst
die
de
Senaat
eerder
amendeerde.
De
nieuwe
regeling
treedt
op 1
september
dit
jaar
in
werking.
De
stemming
leverde
81
ja's,
32
neens
(CD&V/N-VA,
Vlaams
Belang
en
cdH)
en
zes
onthoudingen
(Ecolo
en
een
MR-kamerlid)
op.
De
nieuwe
procedure
voorziet
nog
slechts
twee
vormen
van
echtscheiding:
de
bestaande
echtscheiding
door
onderlinge
toestemming
en
de
scheiding
op
basis
van
onherstelbare
ontwrichting.
De
schuldvraag
speelt
geen
rol
meer
bij
echtscheidingen,
maar
komt
in
beperkte
mate
wel
nog
om
de
hoek
kijken
bij
de
toekenning
van
alimentatie.
Het
systeem
van
alimentatie
zal
er
voortaan
anders
uitzien.
Momenteel
wordt
de
alimentatie
betaald
door
de
"schuldige"
echtgenoot
en
is
die
niet
beperkt
in
de
tijd.
Bedoeling
is
dat
het
onderhoudsgeld
voortaan
wordt
toegekend
op
basis
van
de
behoeftigheid
van
de
betrokkenen.
De
rechter
bepaalt
de
hoogte
ervan
op
basis
van
verschillende
elementen.
De
alimentatie
wordt
wel
beperkt
in
de
tijd
(gelijk
aan
de
duur
van
het
huwelijk).
Wanneer
iemand
opnieuw
huwt
of
wettelijk
gaat
samenwonen,
valt
het
recht
weg.
Voor
feitelijk
samenwonenden
is
het
de
rechter
die
hierover
beslist.
De
wettekst
voorziet
ook
overgangsbepalingen.
Wie
nu
al
alimentatie
betaalt,
moet
vanaf
de
inwerkingtreding
van
de
wet
nog
onderhoudsgeld
betalen
volgens
de
duur
van
het
huwelijk.
Wie
bijvoorbeeld
na
een
huwelijk
van
tien
jaar
scheidde,
moet
vanaf
het
moment
dat
de
nieuwe
wet
van
kracht
wordt
nog
tien
jaar
betalen.
De
Kamer
keurde
het
wetsontwerp
midden
februari
al
goed,
maar
na
evocatie
wijzigde
de
Senaat
de
wettekst
nog
op
een
aantal
plaatsen.
Het
gaat
onder
meer
om
een
amendement
dat
slaat
op
de
vraag
tot
echtscheiding
van
een
van
de
partners
na
één
jaar
feitelijke
scheiding.
Indien
de
rechter
stelt
dat
die
termijn
nog
niet
volledig
achter
de
rug
is,
moet
hij
een
nieuwe
zitting
vastleggen.
Dat
kan
op
het
moment
waarop
de
termijn
van
een
jaar
wel
gepasseerd
is,
of
zes
maanden
na
de
eerste
zitting.
Het
amendement
verlengt
die
zes
maanden
naar
een
jaar.
De
Kamer
besliste
uiteindelijk
om
de
tekst
die
uit
de
Senaat
komt
ongewijzigd
goed
te
keuren,
waardoor
de
nieuwe
regeling
nu
volledig
door
de
parlementaire
molen
is
geraakt.
(belga/dm)



